‘Ze is in liefde gekomen en in liefde gegaan.’

Vorig jaar zomer overleed Denise de Ruijter, 21 jaar oud. Na een jong leven vol drukte in het hoofd, paniekaanvallen, psychoses en opnames in GGZ-instellingen, was ze moegestreden. De hulp van Expertisecentrum Euthanasie kwam later dan haar lief was, maar bood uiteindelijk de langgekoesterde uitkomst. Hoe kijken haar ouders Bianca en Joost en zusje Kirsten terug?

Prikkels, áltijd maar die prikkels. Als baby’tje is de buitenwereld al teveel voor Denise. “Uren deed ze over een flesje”, vertelt moeder Bianca (52). “Maar legde ik een doekje over haar oogjes, dan had ze het in een mum van tijd leeg. Dan kwam de omgeving niet binnen en had ze rust.” Van jongs af aan is Denise anders, “lief én anders”, aldus vader Joost (53). De enige manier waarop ze het dagelijkse leven aankan, is met een strikte structuur. “We probeerden het behapbaar voor haar te houden, verrassingen banden we zoveel mogelijk uit, elk moment van de dag was gepland.”

Pure onmacht

Maar hoe groter Denises wereld, hoe lastiger dat wordt. Op haar eerste schooldag, ze is net vier, slaat ze een ander kindje met een schep. Bianca: “Uit pure onmacht. De kinderen, een nieuwe omgeving, een ander ritme, al die indrukken kon ze niet verwerken, ze raakte in paniek.” Met steun van ouders, onderwijzers, een psycholoog en onderwijsondersteuning wurmt Denise zich door de eerste schooljaren. Maar haar draai vindt ze niet, ook niet op de vrije school met kleinere klassen waarnaar ze overstapt. Zus Kirsten (16), vijf jaar jonger dan Denise, herinnert het zich nog goed: “Het was nooit ontspannen thuis, dat voelde ik zo jong als ik was. Altijd was er de angst voor de radeloze buien waar ze geen vat op had.”

In groep 8, rondom de eindmusical, gaat het mis. Denise raakt in een psychose, ze wordt opgenomen in de crisisopvang, de eerste van vele keren. Haar aandoening krijgt ook een naam: het Syndroom van Asperger, een vorm van autisme. Bianca: “We hadden nooit labels op haar willen plakken, maar we ontkwamen er niet aan.” Tegelijk brengt het ook helderheid: mensen met Asperger kunnen sociale interactie niet aan, interpreteren emoties verkeerd, zijn overgevoelig voor geluiden. Joost: “Normale vriendschappen zaten er voor Denise niet in, ze was eigenlijk altijd alleen. Verjaardagen vierden we ook steeds kleiner. Denise kon niet genieten van leuke dingen, omdat ze wist dat er hoe dan ook een terugslag van paniek en woede zou volgen.”

Dapper

De psychoses komen steeds vaker en op haar veertiende is de situatie thuis onhoudbaar. Bianca: “Geen van vieren waren we meer onszelf. Denise ook niet, ze had haarfijn door wat er aan de hand was. Dapper en sterk als ze was, probeerde ze er elke dag weer wat van te maken, maar altijd werd ze teleurgesteld.”

In overleg met het Autisme Team Noord Nederland verhuist Denise naar een zorgboerderij. Zus Kirsten: “Het was zo dubbel. Ik herinner me nog mijn opluchting dat mijn ouders meer aandacht voor mij konden hebben. Maar er was ook een gemis. Eens in de twee weken was Denise thuis, dan speelden we samen en hadden wat tijd om onze band te versterken. Maar op die momenten merkte ik ook hoe schuldig ze zich voelde naar mij.”

Na twee maanden blijken ook de begeleiders van deze zorgboerderij de zorg voor Denise niet aan te kunnen. Een permanente zoektocht naar het juiste onderkomen volgt. Joost: “Uiteindelijk dachten we die gevonden te hebben bij een zorgboerderij in Oentsjerk, Denise woonde er vijf jaar. Maar ondanks de geweldige begeleiding liep het ook daar spaak. Nu weten we: waar Denise ook was, alles was teveel voor haar.” Radeloos doet Denise rond haar vijftiende haar eerste suïcidepoging. Ze springt van driehoog naar beneden en overleeft het. Bianca: “Maandenlang moest ze revalideren en een strak korset dragen. ‘Dat maakt me niet uit, mama’, zei ze. ‘Wel vind ik het erg dat het niet gelukt is’. Hartverscheurend.”

Denise blijft het proberen om een einde aan haar leven te maken. Joost: “Ons doel was dat ze een fijn leven kon hebben. Met alle betrokkenen, variërend van de begeleiders en de ambulante coach tot de psychiater en het gebiedsteam, hadden we intensief contact over hoe we dat voor elkaar konden boksen. Ondertussen was er permanent die angst, altijd waren we paraat voor wat er kon komen.” Bianca: “Denise kon niet accepteren dat ze had wat ze had. Ze gunde ons en zichzelf een ander leven.”

Geen bevlieging

In 2018 schrijft Denise een brief aan haar ouders , waarin ze uitlegt dat ze dit leven niet meer aankan en contact wil opnemen met Expertisecentrum Euthanasie. Bianca: “Ze had in een instelling besproken dat er ook andere mogelijkheden waren dan zelfdoding. ‘Ik kan niet meer. Ik ben moegestreden’, schreef ze. We waren niet verrast, we begrepen haar zo goed. Het was geen bevlieging, dat wisten we allemaal.”

Bij Expertisecentrum Euthanasie treft Denise een psychiater die de goede vragen stelt en snel tot haar lijden doordringt. Bianca: “In haar jonge leven en vooral tijdens crisisopnames had ze al zoveel zorgverleners gezien met allemaal andere meningen en opvattingen. Hier voelde ze zich meteen gezien en gehoord. Ze kon de ware Denise tonen.”

Na de intake duurt het anderhalf jaar voor er een zorgteam beschikbaar is om haar euthanasiewens te onderzoeken. Joost: “Met de onderbezetting van psychiaters wisten we dat we moesten wachten, maar dit was wel heel lang. En toen kwam er ook nog de coronacrisis overheen.” Denise blijft ondertussen suïcidepogingen ondernemen. Joost: “We hebben zo vaak op de IC gezeten, ze was radeloos. En wij ook.”

Halverwege 2019 komt dan eindelijk het traject van het zorgteam op gang. De psychiater en psychiatrisch verpleegkundige gaan niet over een nacht ijs, maar alleen de gesprekken al brengen opluchting. Bianca: “Snel bevestigden ze dat dit geen leven was voor Denise, ze steunden haar volledig in haar wens en concludeerden dat Denise wilsbekwaam was. Maar gezien haar jonge leeftijd, hadden ze wel extra tijd nodig om de uitzichtloosheid en ondraaglijkheid te bevestigen. We zijn een dagboek gaan bijhouden van Denise’s leven in de gespecialiseerde GGZ-instelling in Leeuwarden waar ze toen woonde. Hiermee konden we een goed beeld geven van wat er dagelijks met haar gebeurde.”

Moe en opgelucht

De conclusie wordt na driekwart jaar getrokken, waarna op 17 juni het zo verlangde ja-woord volgt. Bianca: “In principe verleent deze psychiater geen euthanasie aan jongeren onder de 23. Maar bij Denise zagen alle experts dat het zo niet langer kon.” Joost: “Ze was zo opgelucht. Eerst wilde ze de euthanasie over de zomer heen tillen, maar daar had ze de kracht niet meer voor. Ze besloot 26 juli al als datum te prikken.”

De laatste twee weken woont Denise thuis. Een onwerkelijke en waardevolle periode. Bianca: “Voor het eerst in lange tijd woonden we als gezin weer samen. We kregen de kans om mooie herinneringen op te halen en alles te bespreken wat we nog wilden. Ondertussen merkten we hoe op Denise was, zowel geestelijk als lichamelijk. Ze kreeg overal donkere vlekken.” Voor de dag zelf hadden Denise en haar ouders in detail het schema doorgenomen. Bianca: “Dat had ze nodig om in alle rust te kunnen inslapen. We hebben haar lievelingsontbijt gegeten, samen liedjes gezongen, afscheid genomen.” Maar toen het zorgteam er eenmaal was, kon Denise niet wachten. Joost: “Ze sprintte naar bed en barstte in huilen uit. ‘Ik ben zo opgelucht dat ik mag gaan’, zei ze. Er was geen enkele onduidelijkheid of dit was wat ze wilde, ze was zo moe. Binnen enkele seconden na het spuitje was ze weg.”

Acht maanden later kijken Bianca, Joost en Kirsten met dankbaarheid terug op Denise’s euthanasie. Kirsten: “Anders was ze alleen gestorven. Ik ben zo blij dat dat haar bespaard is gebleven.” Joost: “Met z’n drieën zijn we aan het herstellen. Op de dood van je kind en je zus kan je je emotioneel niet voorbereiden. Maar het klopt zo voor Denise, en dat is altijd het belangrijkste geweest.” Bianca: “Ze is in liefde gekomen en in liefde gegaan. De uitvaart was prachtig, precies volgens haar wens. Alle fijne familie, vrienden en hulpverleners waren er, ze heeft voor zoveel mensen iets betekend. Ik mis haar ontzettend, maar ik ben zo trots op haar. Don’t Judge had Denise op haar linkerschouder laten tatoeëren. Ze geloofde er zo in dat niets is wat het lijkt in het leven. We kunnen niet oordelen over anderen. Deze lijfspreuk zullen we altijd met ons meedragen.”

Tekst: Teus Lebbing. © Expertisecentrum Euthanasie.

Denk jij aan zelfmoord? Praat erover! Neem contact op met 113 Zelfmoordpreventie via www.113.nl.

Geplaatst op