Column van Joyce de Bruin – Mevrouw B

 

 


Mevrouw B
In maart bezoek ik mevrouw B. voor het eerst. De voordeur staat open en ik stap door een muur van sigarettenrook. Ik vind haar in nachtjapon op de bank. Ze oogt fragiel. Mevrouw B. wil niet meer. Ze is benauwd en afgevallen. Ze kan niets meer, behalve roken, televisiekijken en sudoku. Ze is 68 jaar en heeft veel meegemaakt. Het leven heeft haar geleefd; ze heeft zware life-events doorstaan, als stormen die nooit echt uitwaaien. Haar dochter begrijpt haar moeders wens, dit is geen leven meer, maar ze is ook verdrietig. Liever ziet ze haar moeder nog lang met de kleinkinderen spelen.

Euthanasie krijg je niet zomaar. Patiënten hebben er geen recht op; artsen zijn niet verplicht om het verzoek in te willigen. Als het euthanasieverzoek voldoet aan de zorgvuldigheidscriteria uit de wet, mag ik handelen. Heb ik ergens in de procedure een foutje gemaakt, dan ben ik de klos. De patiënt is dan al lang overleden. Mevrouw B. wil “gewoon” dood. Haar woorden zijn kort en krachtig.

Maar haar dossier nog niet overtuigend. En na de eerste twee gesprekken met haar, werd duidelijk: zo gemakkelijk is het niet. Er is meer informatie nodig. Waarom wil ze nu niet meer leven? Is dyspnoe bij lang bestaande COPD voldoende? Of is ze depressief? De Belgische longpoli keert haar lichaam in 4 uur binnenstebuiten: een tumor in de longen en een tumor bij de bijnier. Nu weerspiegelt de diagnose haar klachten. Mevrouw B. wil geen behandeling meer. Twee maanden en vier gesprekken later voldoet haar verzoek wél aan de criteria van de wet. Het stoplicht staat op groen. We kunnen haar helpen. Ik voel het als mijn plicht als dokter; de Nederlandse versie van de Eed van Hippocrates: ik zal lijden verlichten.

‘Zo gemakkelijk is het niet. Er is meer informatie nodig.’

In de ochtend is het zover. Mevrouw B. ligt op bed, haar dochter vlijt zich naast haar. Er is veel verdriet, maar ergens ook een sprankje blijdschap. Eindelijk wordt ze uit haar lijden verlost. Ze zegt dat ze naar haar overleden kleinkinderen gaat. Heel snel gaat ze, het goedje in de spuit heeft haar nauwelijks aangeraakt.